Artikels en nieuws...
KWEKEN OM VOORUIT TE KOMEN.
17-12-2025
Het einde van het jaar is weer in zicht. De kweekduiven zijn meestal al weer door de rui. En dan kunnen we weer denken aan het volgende seizoen. Daarvoor is een goede voorbereiding nodig.
Een goede start is essentieel voor het succes van later. Allereerst is het de kunst om de kweekduiven in een optimale conditie te krijgen. Want de start van de kweekperiode is echt het allerbelangrijkste voor een nieuw duivenseizoen. Zijn de kwekers in topconditie? Dan zal de rest van de kweekperiode vlotjes verlopen. Zijn ze nog niet in topconditie? En je gaat er toch mee kweken? Dan is het vaak een heel jaar ellende met de jonge duiven. Topkweek is de basis voor gezonde jonge duiven. En die maken absoluut het verschil tussen aanmodderen en gezondheid. Het is ook van belang om te weten hoe je het beste de kweekduiven moet koppelen. Dat is op zich ook een wetenschap op zich. Als je aan je eigen kennis twijfelt, ga dan b.v. het E-boek “de kunst van het kweken” van Steven van Breemen aanschaffen. Dan krijg je echt veel meer inzicht om vooruit te komen in de kweekperiode.
Kwaliteit van het duivenvoer.
Op het moment van schrijven is het tentoonstellingstijd. Daar zie je elk jaar weer de aanbiedingen van goedkoop duivenvoer op de stands en ook in de duivenbladen. En ik snap dat ook. Als je veel jongen kweekt is het een hele dure periode van het jaar. Toch is het de vraag of je daarmee wel vooruit komt. Als we beter willen dan de afgelopen jaren, moeten we dan niet juist kiezen voor perfect uitgebalanceerd voer? En dan wat minder jongen kweken? Want als het voer niet goed uitgebalanceerd is, is de kans groot, dat de kweekduiven gemakkelijk te zwaar worden en dat is een flinke rem op de algehele conditie. Niet alleen de kwekers, ook de jonge duiven varen daar niet wel bij. Maar ja… de algemene mening is, dat er geen slechte voeders meer op de markt zijn. Ik moet daarbij opmerken, dat de kwaliteit van de granen en zaden misschien wel goed kunnen zijn van de meeste voerleveranciers. Er komt echt meer bij kijken. Ik kan goede kwaliteit granen en zaden wel 100 keer verkeerd mengen en daardoor slechte resultaten hebben.
De start.
Voordat de kweek van start gaat, is het van belang de duiven te laten controleren door een goede duiven dierenarts. Als er dan wat aan mankeert, heb je nog voldoende tijd om in te grijpen. Realiseer je wel, dat antibiotica niet alleen de slechte bacteriën doden, ook de goeie. Dus is het verstandig om na elk gebruik van antibiotica een Detox kuur te doen van zeven dagen en ook probiotica in te zetten, om de goede bacteriën weer aan te vullen. Zo help je de duiven om weer in een goede conditie te komen. Dat hangt ook van de omstandigheden af. Is het koud en triest winterweer, dan zal de duif lastig in een topconditie kunnen komen. Dan moeten we vaak wat helpen met bijlichten en zorgen voor een goede luchtvochtigheid op het hok. Dat bijlichten moet wel met beleid gebeuren. Daarmee bedoel ik geleidelijk en zo natuurlijk mogelijk het daglicht verhogen. Dat kan met een gewoon lampje, maar als het hok heel weinig zonlicht omvangt kun je het beste kiezen voor hooffrequente armaturen en daglichtlampen die UV straling afgeven aan de duiven.
Om het koppelen te stimuleren kunnen we vitamine E aan de duiven geven. Ik zou het liefst kiezen voor de natuurlijke vitamine E brengers, zoals tarwekiemolie en Selenium. Daarnaast is het wel verstandig om ook levertraan of visolie te blijven verstrekken voor de Vitamine A en D³ en een goed mineraalmengsel voor het aanmaken van de eischalen en gezonde botten en veren van de jongen. Eenmaal op eieren is het van belang terug te grijpen op het Winter-Rustvoer. De duiven doen immers niets anders dan op de eieren zitten of in het hok. Een goede wintermengeling bevat veel vezels en weinig eiwit. Dat hebben ze op dat moment nog niet nodig en zou ze alleen maat vet maken. Als de eieren uitkomen kun je de eerste 4 dagen nadien nog gerust deze wintermengeling blijven voeren. De kropmelk wordt immers aangemaakt door de hormoonwerking van de duiven.
Welk Kweekvoer?
Des te hoger de temperaturen worden, des te minder wordt de mais door de kwekers gegeten. Het is daarom de vraag in hoeverre mais een belangrijk onderdeel van het kweekvoer moet zijn. Voor het grootbrengen van de jongen heb je dat in elk geval niet nodig. In veel kweekmengelingen zit naar mijn mening dan ook te veel mais. Dat drukt wel de prijs van het voer, maar de duiven kieperen die er net zo gemakkelijk uit. Dus: wat een onzin. Het gaat voor de opfok van de jongen vooral om het eiwit, omdat dit de groei bevordert.
Benutbaar eiwit.
Tja, dat is voor veel liefhebbers nog steeds een raar begrip. Als er veel erwten in zitten moet het toch wel goed voer zijn? Peulvruchten hebben echter een lage biologische waarde en een flink deel wordt alleen maar ballast. Vaak wordt op de zak alleen maar het ruwe eiwit aangegeven. Ook in de folder zie je zelden de term “benutbaar eiwit”. Ik heb er een studie van gemaakt en zal proberen eens aan te geven wat het met de te voeren hoeveelheden doet. Laten we aannemen dat de meeste duiven dagelijks 30 tot 35 gram voer eten. Een duif die jongen kweekt, bevindt zich in een prestatie periode. Dan heeft een duif 2,2 gram benutbaar eiwit nodig volgens wetenschappers. We gaan een rekensom maken:
We nemen daarvoor drie verschillende kweekmengelingen uit de praktijk:
|
Mengeling |
Ruw eiwit |
Benutbaar Eiwit |
Benodigde grammen voer |
|
1 |
14% |
60 % = 8.4 gr |
26.2 |
|
2 |
15% |
50 % = 7.5 gr |
29.6 |
|
3 |
18% |
34 % = 6 gr |
36.7 |
Bij mengeling 1 van de bovenstaande tabel zien we, dat de duif aan 26 gram voer genoeg heeft en dat de volledige eiwit behoefte is afgedekt. Als we meer geven dan 26 gram voer, dan krijgen we een overschot aan eiwit. De liefhebber is al gauw geneigd om meer voer te geven, omdat hij dat zo gewend is. Maar teveel is nooit een goed idee. Dan kan er een stofwisselingstoornis ontstaan, te hoge ammoniak productie en dan stopt de donsrui. Vaak zie je dan dat duiven veel roodsteen gaan eten, grond of delen van het hok opvreten. Let daar goed op want te geeft te veel voer! Blijft er wat voer liggen, geef er dan niet meteen nieuw voer bij maar laat de duiven het eerst opeten of geef de volgende voerbeurt minder voer.
Bij Mengeling 2 zien we een goede verhouding bij een opname van 30 gram voer. De duif krijgt ook voldoende benutbaar eiwit binnen. Er treden geen tekorten op voor wat betreft de behoefte aan eiwit Ze lijdt geen honger, er zijn geen tekorten noch overschotten in de eiwittoevoer. Minder belasting van de organen maar ook een positieve noot voor wat betreft het hokmilieu. Minder mestproductie waardoor minder ammoniak in de hokken aanwezig.
Mengeling 3 bevat wel een hoog ruw eiwitgehalte van 18%, maar daarvan is slechts 6% opneembaar voor de duiven. Om voldoende eiwit binnen te krijgen, moet deze maar liefst 37 gram voer opeten. Dat betekent 25% meer voer geven dan mengeling 2. Als je van mengeling twee 3 zakken voer opvoert, heb je van mengeling 3 dan 4 zakken nodig. Theoretisch dan, want in de praktijk zie je dat er ook nog eens veel te veel erwten en mais in zit wat je allemaal onder de roosters terug vindt. Waarschijnlijk is het wel 3 zakken voer van mengeling 2 tegen 5 zakken van mengeling 3 voor hetzelfde resultaat.
Er moet ook nog gezegd worden dat voldoende eiwit niet meteen betekent dat alles in orde is. Verreweg de meeste kweekmengeling hebben een tekort aan lysine en methionine. Dat zijn nou net de belangrijkste aminozuren ( deeltjes van de eiwitten) voor een duif. Je kunt dat voorkomen door b.v. een korrel aan het voer toe te voegen met deze aminozuren. Het is echter mogelijk bij een juiste samenstelling de exacte hoeveelheid methionine en lysine te verkrijgen. Daarvoor moest ik eerst wel even flink studeren om uiteindelijk het juiste volledige kweekvoer te ontwikkelen. Daarbij moet wel gezegd worden, dat je inderdaad veel minder voer nodig bent en dus moet zorgen, dat je de duiven niet overvoert. Het scheelt gemakkelijk 10-20% op normale kweelmengelingen en zelfs 42,8% op de goedkope mengeling uit de tabel!!.
Gespeende jongen.
Als de jonge duiven tekorten hebben gehad, zal dat proces zich doorzetten in de rest van het jonge leventje van deze jongen. Zorg er daarom voor dat ze niets tekort komen. Na het spenen van de jongen is het verstandig om de kweekmengeling nog 14 dagen te blijven verstrekken. Daarna kun je geleidelijk steeds meer Zuivering aan het kweekvoer toevoegen totdat je op 50% van de gehele mengeling zit. Het kweekvoer gedeelte kun je dan ook vervangen voor een goede vliegmengeling ( 50%) of een goede jonge duiven mengeling. Op die half Vlieg en half Zuivering mengeling kunnen duiven prima rond het huis trainen.
Worden de jongen verduistert?
Dan worden de kleine veertjes zoals op de kop en nek etc. gewisseld. De pennen worden dan pas later gewisseld. Toch kunnen we dit zien als een kleine rui en moeten er weer nieuwe veren worden aangemaakt. Daarvoor is eiwit nodig. Het is daarom verstandig om de verduisterde jongen te voeren met een goede rui mengeling of met de kweekmengeling plus 10% gerst of zuivering. De duiven willen dan meestal niet trainen en zitten gezellig naast elkaar op het hok. Maakt u zich daar geen zorgen over, want het vliegen in de rui is voor duiven niet prettig. Als de jongen weer mooi glad zijn zie je ook dat ze dan in groepen gaan vliegen. Dat is het teken om vanaf dat moment lichter te gaan voeren. Meestal zijn de jongen dan tussen 10 en 12 weken oud. Hoe we de jonge duiven voorbereiden voor een volgende fase berichten we de volgende uitgave.
Met vriendelijke groet:
Willem Mulder
Tel: +31 648 717475
E-Mail: matador@xs4all.nl
Terug